Oké, zo oud als piramide van Cheops is de piramide van Breda niet, maar ze was wel jarenlang goed voor een fata morgana. Een heuse financiële luchtspiegeling wel te verstaan, beter bekend als Ponzi scheme, een Madoffje en vooral als piramidespel. In Breda heeft het bedrijf Partrust zo’n spel gespeeld.
Wat heb je ervoor nodig? Uiteraard een flink stel goedgelovige mensen, daarnaast stalen zenuwen en een hoop geluk. Stalen zenuwen, omdat je nieuwe beleggingen moet vergaren om verplichtingen aan andere aandeelhouders te voldoen. Geluk, want als mensen achter de opzet komen, dan stort het kaartenhuis in. Ook Partrust heeft investeerders keihard voorgelogen, maar kon gedurende enkele jaren de Autoriteit Financiële Markten (AFM) een rad voor ogen draaien. Zo werd in 2008 driekwart van de nieuwe inleg niet geïnvesteerd, maar benut om aflossing en rente aan eerdere beleggers te voldoen. Voor dat doel haalde het bedrijf in verschillende tranches obligatieleningen, waarop ze hogere opbrengsten beloofden dan gebruikelijk was. Volgens de leiding werd de obligatie-opbrengst gestoken in een florerend helikopterbedrijf en een teakconcessie in Costa Rica. Teakhóut?



Nu we echt een recessie in dreigen te gaan, ligt nieuwe omzet niet meer voor het oprapen. Wil je als dienstverlener nog groei kunnen laten zien (of de onvermijdelijke krimp beperken), zul je bestaande klanten moeten behouden en klanten van je concurrenten verleiden over te stappen. Al te gemakkelijk wordt prijs ingezet als verleider, zeker door nieuwe aanbieders. Denk aan de prijzenslagen bij auto en zorgverzekeringen na de introductie van het basisstelsel. Of kijk eens hoe aanbieders van mobiele telefoonabonnementen of energie opereren. Voor de consument zijn deze prijzenslagen natuurlijk op korte termijn positief. Maar hoeveel consumenten switchen er eigenlijk? Wat zijn de verleidfactoren voor de switchende consument en waarmee zijn consumenten te binden? Laten we deze vragen aan de hand van een aantal recente voorbeelden bekijken.
Wat hebben ‘Play it again, Sam’ en ‘Greed is good’ met elkaar gemeen?
Bijna elk kwartaalbericht van een bedrijf gaat tegenwoordig gepaard met dit credo. De cijfers "an sich" zijn voor beleggers feitelijk niet belangrijk meer, maar het enige dat telt is "of het beter of slechter is dan de verwachting" is. Ik vraag me dan altijd af: de verwachting van wie? Zijn dat analisten met een objectieve kijk op de zaak of juist analisten die bepaalde voorspellingen doen met als doel de koers in een bepaalde richting te beinvloeden? Short posities, long posities..... je weet maar nooit door welke bril analisten kijken. Enne een gemiddelde verwachting houdt natuurlijk ook nog eens in dat er bovengemiddelde en ondergemiddelde scores zijn. Dus ... wat is dan waarheid? Het gemiddelde??!!
Zag u ze niet vliegen, maar wel varen afgelopen zondag? Dat kan, want voetbalclub AZ werd pontonsgewijs gehuldigd als landskampioen. Zo’n landstitel is een knappe prestatie voor een plaats met 90000 inwoners. Ajax, Feyenoord en PSV hebben aanzienlijk grotere budgetten en een groter scoutingnetwerk. Succes kent vele vaders – eveneens in het geval-AZ - al springen er twee namen uit. In de eerste plaats is dat trainer/coach Louis van Gaal. In de tweede plaats Dirk Scheringa. De grootaandeelhouder/bestuursvoorzitter van de DSB Bank (Dirk Scheringa Bank) trok de portemonnee zodat Van Gaal naar AZ kwam.
'Alle wapentuig de wereld uit, om te beginnen in Nederland.' 
