Chinees voor Beginners, les 1
Een quizje... Wie zei: "Geld verdienen is heerlijk"? Verrassend misschien, maar het was China's partijleider Deng Xiaoping op het Chinese Volkscongres in 1979. China kwam toen verarmd uit de Culturele Revolutie en het roer moest om. In 1972 had de Amerikaanse president Nixon al toenadering gezocht tot China… een gebeurtenis die beter bekend werd als 'pingpongdiplomatie'. Maar mooie woorden zijn één ding, de 'liefde tussen twee staten' draaide later vooral om good cold cash. We mogen nu van een heus verstandshuwelijk spreken. China koopt op grote schaal Amerikaanse obligaties om het astronomisch begrotingstekort in de VS te financieren. Mooi… zolang die obligaties bij verkoop nog geld opbrengen. Maar tijdens de kredietcrisis blijkt dat schatkistpapier niets meer waard.
China zit in een perverse spagaat: een sterke Amerikaanse economie begunstigt de obligatiekoers en is gunstig voor de Chinese schatkist. Tegelijk is het voor het mondiale aanzien van China goed als de VS zware tijden doormaakt. Maar voor aanzien koop je niets. In China broeit het namelijk. Het oude 'Rijk van het midden' boomt dankzij de hippe jonge middenklasse, maar het kent een nog veel groter proletariaat van arme boeren en fabrieksarbeiders. In de Parelrivierdelta - idyllische naam, maar de smerigste delta ter wereld - heeft het begrip 'massaontslag' een nieuwe dimensie gekregen. Miljoenen mensen zijn ontslagen omdat de Mattels en Hasbro's van deze wereld hun speelgoedfabrieken sluiten. Veel jongeren zijn teruggekeerd naar het straatarme platteland, maar kunnen daar hun ei niet kwijt. De sociale onrust die dit met zich meebrengt, laat zich raden. Politie en leger moeten regelmatig straatdemonstraties uiteen slaan. Tot dusver heeft de repressieve aanpak van de overheid succes.
Maar hoe lang is die aanpak nog vol te houden, want de Chinese economie staat er slechter voor dan verwacht. De Chinese economie groeide het afgelopen decennium met minstens 8%, maar komt in 2009 op 6,5% uit volgens het IMF. Het Engelse onderzoeksbureau Lombard Street laat in een studie geen spaan heel van het IMF-optimisme. Kern van de zaak is dat de verhouding binnenlandse vraag - netto-export negatief is (-0,2%). Negatieve groei oftewel: economische krimp.
Vraag is nu wie er fout zit: het Lombard Street, het IMF of de Chinese overheid? Ik hoop dat China geen blaam treft, maar ik vrees het ergste. Met groeicijfers goochelen: het zou een doodordinaire streek zijn in het land van Confucius.
Owen van Oers




